Er zijn aanwijzigingen dat de verdeling van thuiszorg over de beschikbare aanbieders van zorg in strijd is met het Nederlandse mededingingsrecht. Zorgkantoren verzuimen vaak het aanbod van cliënten ook over nieuwe aanbieders van thuiszorg te verdelen, terwijl nieuwe zorgaanbieders ongelijke toegang hebben tot de zorgvraag in vergelijking tot de gevestigde zorgaanbieders. Dit is de conclusie van Branchebelang Thuiszorg Nederland (BTN) naar aanleiding van een publicatie in Het Financieele Dagblad van 24 januari 2003 over de te dure AWBZ. Hierin is aandacht besteed aan het belang van concurrentie in de thuiszorg en het doorbreken van regionale monopolies in het aanbod van zorg. BTN onderschrijft de gesignaleerde misstanden en meent dat deze haaks staan op de vernieuwing van de AWBZ. De volgende misstanden zijn beschreven:
- Een zorgkantoor laat geen nieuwe zorgaanbieder toe op grond van de overweging dat de bestaande aanbieder(s) het werk goed klaren, want er zijn geen wachtlijsten. Gevolg: nieuwe partijen wordt toegang tot die regionale markt belet.
- De zorgbemiddeling, waarvoor juist het zorgkantoor de exclusieve verantwoordelijkheid heeft, wordt beheerst door een ander dan het onafhankelijke zorgkantoor. Gevolg: het marktaandeel van een nieuwe marktpartij wordt bepaald en gecontroleerd door de daar reeds gevestigde concurrent in plaats van door het zorgkantoor als onafhankelijke zorgtoewijzer.
- Een wél toegelaten nieuwe zorgaanbieder moet de cliëntengegevens (indicatiebesluiten) opvragen bij de sinds lang gevestigde concurrent in de regio, in plaats van bij het onafhankelijke zorgkantoor. Gevolg: potentiële, maar oncontroleerbare onregelmatigheden bij de zorgbemiddeling.
BTN bepleit dat alle feitelijke en andere belemmeringen van de concurrentie in de groeimarkt van de thuiszorg door ieder zorgkantoor zo snel mogelijk worden opgeheven. Openbaarheid van de toetsingscriteria bij het maken van productie-afspraken en de daaropvolgende zorgverdeling door de zorgkantoren is daarvoor een eerste vereiste.
BTN is van mening dat de invloed van nieuwkomers op de AWBZ-thuiszorgmarkt een goed effect heeft gehad op de geleverde thuiszorg. Daar waar wèl nieuwe partijen zijn toegelaten, was de geboden zorg door nieuwkomers efficiënter, effectiever en vooral meer cliëntgericht. Dit blijkt uit onderzoek. Concurrentie op de thuiszorgmarkt draagt bij aan keuzevrijheid van de cliënt, beschikbaarheid van de gevraagde zorg, kostenbesparingen op het zorgproduct, een groter volume van zorgaanbod en een vermindering van wachtlijsten.
Met de vernieuwing van de AWBZ hebben de zorgkantoren de primaire verantwoordelijkheid voor de open markt. Hierbij dienen alle zorgvragers en zorgaanbieders op gelijke wijze te worden bediend. Dit geldt voor zowel contracteerbeleid (maken van productie-afspraken) als toewijzing van cliënten aan zorgaanbieders. Kortom: de besluitvorming van zorgkantoren dient verifieerbaar te zijn.
Tot zover het BTN-persbericht van 29 januari 2003.